Om u de beste gebruikservaring te kunnen bieden, gebruiken wij cookies. Voor meer inhoudelijke informatie en het onderscheid die wij hier in maken, verwijzen wij u door naar ons cookiebeleid.

Accepteer cookies

Zuid-Holland

Friesland

Groningen

Drenthe

Overijssel

Flevoland

Noord-Holland

Utrecht

VBC Schieland en de Krimpenerwaard stelt zich voor....

Column Chiel Amkreutz

Wat goed is voor vissen, is goed voor al het waterleven. Water is er niet alleen voor vissen, maar ook voor de mens en andere dieren en planten. Willen we samenwerken aan een betere visstand dan zullen we hiermee in het visstandbeheer nadrukkelijk rekening moeten houden.

Deze zin zult u veel tegenkomen als u kennis neemt van de geschriften over visstandbeheer, maar wat is eigenlijk “visstandbeheer”?

Visstandbeheer is het samenwerken tussen de waterbeheerder (het Hoogheemraadschap) en de direct belanghebbende bij een goede visstand, de beroeps- en sportvisserij. Dit samenwerken is georganiseerd in visstandbeheercommissies (VBC). Daarbij is goed overleg, tijdige afstemming en wederzijdse communicatie van cruciaal belang.

Van de waterbeheerder wordt verwacht dat hij bij het samenwerken met sport en beroep tijdig informatie verstrekt aan beroeps- en sportvisserij over voorgenomen werkzaamheden in het waterbeheer. Zoals het aanleggen van gemalen, het veranderen van waterpeilen en het uitvoeren van werkzaamheden gericht op het verbeteren van de visstand. Met tijdig wordt bedoeld op een zodanig tijdstip dat sport en beroep hun zienswijze, hun eisen en wensen op de voorgenomen veranderingen in het waterbeheer ter kennis kunnen brengen van de waterbeheerder. Een houding bij de waterbeheerder van “Ik ben eindverantwoordelijk voor het visstandbeheer en dus duld ik bij mijn voorgenomen veranderingen geen tegenspraak van sport en beroep”, is dodelijk voor het overleg in de VBC. Het wordt natuurlijk door de waterbeheerder niet zo uitgesproken maar als men achteraf veel veranderingen in het waterbeheer goed bekijkt dan is er van echt samenwerken tussen waterbeheerder en beroep en sport nauwelijks sprake.

Voorbeelden:

• Het aanleggen van een natuurvriendelijke oever zonder de huurder van het visrecht van het betreffende water daar over te informeren.
• Het verlagen/verhogen van het waterpeil zonder de huurder van het visrecht hierover zijn mening te vragen.
• Het aanleggen van gemalen zonder de vispasseerbaarheid ervan in ogenschouw te nemen.

Van de sport- en beroepsvisserij wordt bij de samenwerking met de waterbeheerder in een visstandbeheercommissie natuurlijk ook het nodige verwacht. Het deelnemen aan de VBC is niet gedaan met het zetten van een handtekening onder het VBC-convenant. Het aanwezig zijn tijdens VBC-vergadering en het bestuderen van vergaderstukken laten nog wel eens te wensen over. Ook het verstekken van informatie over vangsten wordt vaak niet inzichtelijk gemaakt, vooral door beroepsvissers. Hierdoor verliezen visplannen hun waarde als instrument voor het visstandbeheer.
Bij de sportvisserij is het vissen zonder de juiste visdocumenten en met name het vissen met levend aas een moeilijk uit te roeien verschijnsel. Bij de beroepsvisserij is het steeds maar doorgaande stropen van vis, vaak door de dezelfde beroepsvisser, een zaak die de samenwerking in de VBC zeker geen goed doet, dit schaadt het vertrouwen.

De toekomst, een streefbeeld…..?

Afstemming, samenwerking, een verstandig gebruik van vis en vooral een wederzijds vertrouwen tussen waterbeheerder, sport- en beroepsvisserij zijn sleutelwoorden om te komen tot een goed visstandbeheer. Laten we terugkeren naar het begin: “Gaat het met de visstand goed”, dan gaat het ook goed met de natuur, het milieu én met het visstandbeheer.

VBC Schieland en de Krimpenerwaard stelt zich voor....

Beste lezer,

Aan mij als nieuwe secretaris van de VBC Schieland en Krimpenerwaard om mij via deze column aan u voor te stellen. In veel zaken ben ik hetzelfde als mijn voorganger maar in nog veel meer zaken ben ik, gelukkig, totaal anders. Dat begint in feite al bij wat voor mij de essentie van het vissen is, ofwel wat vissen voor mij betekent.

Daar waar de ene het vissen namelijk puur ziet als sport zie ik het veel meer als een rustbeleving. Even een momentje van ‘mindfullness’ om het in hippe termen te zeggen. Even niks aan je hoofd, ‘ontstressen’, ‘tot jezelf komen’, helemaal ‘Zen’ worden. Allemaal clichés die ik hier moeiteloos uit de kast trek maar allemaal met een kern van waarheid.

Als ik toch eens om me heen kijk en zie hoe mijn gemiddelde medemens van de ene verplichting naar de andere holt tegenwoordig. Overdag op de hielen gezeten door de baas, thuis wellicht door een zogezegd lieftallige echtgenoot. De bladen, televisie en social media schrijven ons de do’s en don’ts voor en wij gaan er gedwee in mee. Misschien de oudere generaties niet zozeer maar met name de jonge generatie leidt in ernstige mate aan het “als je dit en dat niet doet hoor je er echt niet bij-virus”. En tijdens het hollen om die doelstelling maar te kunnen halen gaan ze totaal voorbij aan het hier en nu. Vissen is voor mij dat stukje hier en nu en hoewel ik me tijdenlang niet heb vertoond aan de waterkant weet ik het de laatste tijd gelukkig weer wat meer op te pakken.

Tijdens het vissen ben ik niet, wat je noemt een ‘kiloknaller’. Sterker nog, de keren dat ik niks gevangen heb zal allicht inmiddels velen malen groter zijn dan dat ik wel gevangen heb. Misschien door onkunde, misschien omdat ik daar gewoonweg te weinig om geef. Ik zak veel liever onderuit in het zonnetje, of pak mijn verrekijker erbij om een Blauwborst, Rietgors of Waterspreeuw te spotten. Tegenwoordig kom ik na het zien van een ijsvogel net zo dolgelukkig thuis als toen na die eerste vis, een brasem die mijn hele outfit had weten te besmeuren met zijn geslijm. Ik vermoed overigens soms dat moeder natuur het er ook om doet. Steeds wanneer ik weg kijk om gevogelte te fotograferen gaat in mijn uiterste ooghoek mijn dobber minstens 8 keer onder, om vervolgens, als ik terugkijk, stokstijf stil te staan en nooit meer te bewegen. Maar mocht mijn pennetje zachtjes weglopen of mijn beetverklikker beginnen te piepen dan ontwaakt de ware visser in mij per direct. Het betekent overigens ook niet dat ik me niet urenlang kan verwonderen waarom er geen vis wil bijten. Dat betekent in de praktijk dat ik in de tussentijd al 23 keer opnieuw heb ingeworpen en al 14 keer mijn aas heb aangepast dan wel ververst.

Desondanks is het wedstrijdelement in de visserij mij totaal onbekend, en wellicht ben ik vanwege dat tekort ook nooit de Feyenoord-doelman geworden die mijn vader wellicht vroeger in mij zag (en ikzelf ook overigens). Dromen zijn er om van te dromen, als ze niet uitkomen is dat geen ramp. Zo droom ik nog steeds van een mooi oud Oostenrijks almpje aan een prachtig alpenmeertje stampvol met karper en zeelt waar ik noodgedwongen als beheerder constant maar de visstand moet nagaan met als enige hulpmiddel een penhengeltje en een roeiboot…Wat een rotleven zou ik dan hebben.

Rutger Meijer

 

 VBC Schieland en de Krimpenerwaard stelt zich voor....

Een dijk van een Paling en ander utopisch ongerief.

Sinds mijn persoon met de naam Fred Waakop Reijers uit het jaargang 1948 voortgesproten op deze aardbol rondloopt ben ik zeer geïnteresseerd in alles wat met de natuur te maken heeft en vooral de polder gaat mij zeer aan het hart. Dit heb ik ook overgebracht op mijn kinderen; twee stuks van verschillend watermerk en zelfs op de drie kleinkinderen, echter laatstgenoemde rijkdom is nog te jong om al vragend veilig door het Groene Hart te dartelen zonder dat opa met hartkloppingen huiswaarts keert.

Ten tijde dat ik met de VUT ging heb ik besloten niet achter de geraniums te gaan zitten daar de natuur meer te bieden heeft en heb ik mijn hobby vissen een boost gegeven door mij aan te sluiten bij de vliegvisafdeling van
HSV Groot Rotterdam. Vrij snel werd ik daar coördinator maar ging mij ook bezighouden met andere zaken waaronder een VBC in oprichting namelijk die van het Hoogheemraadschap Schieland en Krimpenerwaard.

Een landelijke bijeenkomst van visstandbeheercommissies in Utrecht waarbij toenmalig minister Gerda Verburg ons een niet vrijblijvend hart onder de riem stak en vertelde dat dit alles zou leiden tot een erfgoed voor later mits een ieder zijn verantwoording zou nemen. Een soort utopie zal ik maar zeggen.

Na een flinke tijd heeft VBC Schieland en de Krimpenerwaard gestalte gekregen en tastte men elkaar af onder toeziend en corrigerend oog van de voorzitter, wiens taak ik niet benijd. Eén van de door de beroepsvissers aangedragen onderwerpen is het over de dijk zetten van paling voordat deze in pulp verandert door de nog niet aangepaste gemalen, leidde tot een tumult waarbij gevreesd werd dat HSV Groot Rotterdam naar een ander onderkomen moest zoeken omdat bij wijze van spreken de muren omvielen en het dak eraf geblazen werd! Vreemd genoeg kan het bij andere waterschappen blijkbaar wel zo was dit jaar op het journaal te zien.

In het toneelstuk Op hoop van zegen werd al duidelijk dat de vis duur betaald wordt. Het ging daar echter om mensenlevens maar nu ging het, hoe kan het ook anders, om de kiloprijs van over de dijk gedragen paling. Waterkeringen krijgen kieren maar hoe bereikt de paling deze als zij als pulp verder drijven. Mevrouw Verburg hoe nu verder? Kan Brussel misschien een financiële handreiking bieden om dit erfgoed voor later te kunnen waarborgen door de gemalen versneld aan te passen?

Fred Waakop Reijers

 

VBC Schieland en de Krimpenerwaard stelt zich voor....

Na de voorzitter is het nu mijn beurt om me voor te stellen. Bij deze dan: mijn naam is Ard Verheijen.

Omdat ik niet streef naar de titel “kortste column van de wereld” zal ik het hier maar niet bij laten. Ik ben geboren in 1976, wat me nu dus 35 jaar oud maakt. Of misschien kan ik beter zeggen “35 jaar jong” want in de hengelsport ben je als 35-jarige zelden één van de oudsten. Ik woon in Tilburg, samen met mijn vriendin Marylou en de twee leukste en liefste kinderen ter wereld; Evi en Siem.

Ik werk nu al bijna 10 jaar voor
Sportvisserij Zuidwest Nederlanden richt me dan vooral op Zuid-Holland en het oosten van Noord-Brabant. Mijn functie heet officieel belangenbehartiger. Dit zegt misschien niet zoveel. Eerst heette mijn functie adviseur sportvisserijaangelegenheden. Nog steeds vrij abstract maar het zegt misschien al iets meer over wat ik zoal doe. Het beste kan ik echter verwijzen naar de website van Sportvisserij Zuidwest Nederlandwaarop ik in de Week van Ardwekelijks verslag doe van wat ik die week allemaal meegemaakt heb.

Een belangrijk onderwerp is visstandbeheer. Zeker met de inwerkingtreding van de Europese Kaderrichtlijn Water. Ik maak dan ook deel uit van verschillende visstandbeheercommissies. Niet alleen ben ik secretaris van deze VBC maar ook van VBC Aa en Maasen VBC Delfland. Daarnaast maak ik deel uit van de VBC’s voor Rijnland, Voorne-Putten en Zandmaas. Hoewel er ook veel overeenkomsten zijn is elke VBC weer anders. De situatie in Zuid-Holland is heel anders dan in het oosten van Noord-Brabant. Niet alleen de kwantiteit – in Zuid-Holland moet je oppassen om niet in zeven sloten tegelijk te lopen – maar ook in kwaliteit. Al kijk ik, in dit geval, wat anders naar kwaliteit dan de waterschappen. Ik bedoel dat ik jaloers ben op de wateren in Zuid-Holland waar (nog) veel meer vis zit dan in oost Brabant, waar ik oorspronkelijk vandaan kom en nog steeds vis.

Want ja, ik vis zelf ook. Het liefst zoveel mogelijk, al is het met een jong gezin geven en nemen. Hoewel ik in de winter af en toe probeer snoek te vangen en in het voorjaar met de pen probeer een karper te verleiden, ben ik vooral wedstrijdvisser. Dit is waarschijnlijk genetisch bepaald. Mijn oom maakte jaren deel uit van de Nederlandse ploeg en is in 1982 in Noord-Ierland hiermee zelfs wereldkampioen geworden. Naast deelnemer aan verschillende wedstrijden, organiseer ik ook de wedstrijden van de vereniging uit mijn geboortedorp;
HSV Ons Genoegenuit Asten. Ik vis vooral op visvijvers in Nederland en België. De reden hiervoor is dat ik vis om vis te vangen en dat wordt helaas steeds moeilijker op natuurlijk water. Ik vis voornamelijk met de vaste hengel op brasem en karper, al moet ik zeggen dat ik zeelt de allermooiste vis vind.

Naast vissen zijn muziek en voetbal grote hobby’s van me. Ik heb jarenlang het programma van
OJC Nirwanain Lierop samengesteld en ook heb ik jaren een seizoenskaart gehad. Misschien moet ik het zachtjes zeggen in dit gebied en vertel het niet verder maar die seizoenkaart had ik bij Ajax. Sssstt. Mondje dicht hè….

Ard Verheijen 

VBC Schieland en de Krimpenerwaard stelt zich voor....

Kort geleden ben ik aangewezen als voorzitter van de Visstandbeheercommissie Schieland en de Krimpenerwaard. Daarom wil ik me graag voorstellen op deze website.

Mijn naam is Paul van Poppel; ik ben 67 jaar, geboren in Etten- Leur, afgestudeerd aan de Tilburgse Universiteit als bestuursjurist en ik woon in Den Bosch; samen met mijn partner heb ik vijf kinderen en acht kleinkinderen.

Na mijn studie werkte ik 14 jaar bij het Streekgewest Kempenland te Eersel (een samenwerkingsverband van negen gemeenten), waarvan de meeste jaren als secretaris-directeur en vervolgens 20 jaar als directeur van de Brabantse Milieufederatie te Tilburg.

In 2004, 60 jaar oud, ging ik “met de VUT” en werd mediator, wat ik een aantal jaren in praktijk bracht. Daarnaast vervul ik op dit moment een paar bestuurs- en adviesfuncties, zoals lid van de Provinciale Omgevingscommissie van Noord- Brabant. Van januari 2009 tot 1 mei 2011 was ik lid van het Algemeen Bestuur van waterschap De Dommel resp. fractievoorzitter van Water Natuurlijk; helaas moest ik deze functie beëindigen wegens verhuizing uit het gebied van het waterschap.

In het verband van Water Natuurlijk leerde ik ook de wereld van de sport- en beroepsvisserij kennen en nog meer toen ik medio 2009 voorzitter werd van VBC Aa en Maas/Brabantse Kanalen. Dat doe ik sindsdien met veel plezier. We hebben inmiddels ons eerste visplan voor het hele gebied opgesteld, dat eind vorig jaar is goedgekeurd door het bestuur van waterschap Aa en Maas en het Ministerie van EL&I met de erkenning dat het visplan nog niet af is maar gezien moet worden als een groeidocument, waarvoor dit eerste plan een goede basis heeft gelegd.

Als voorzitter van werkcomité van de VBC heb ik inmiddels mijn eerste vergadering achter de rug. Dit beviel me goed. Zorgen dat de sfeer weldadig is zie ik als een van mijn belangrijkste taken. Ook vind ik het belangrijk dat afspraken die we maken worden nagekomen. De discussies in de VBC mogen van mij best stevig zijn, als we maar streven naar consensus op basis van ieders belangen en los van eenzijdige standpunten of emoties.

Zonder twijfel ligt de eerste prioriteit bij het opstellen van een visplan voor het gebied. Daarmee zullen we het komende jaar wel het meest bezig zijn. Ik zou er op willen koersen om de uitgave van dit plan te kunnen presenteren op een eerste bijeenkomst van de algemene vergadering van de VBC; het zal dan eind van het jaar/ begin volgend jaar zijn, schat ik nu in.

Andere aandachtspunten zijn onder meer: de ondertekening van het VBC- convenant door alle visrechthebbenden, de relatie tussen de VBC en de regiocommissies en de bekendheid van de VBC, met name voor de achterbannen. Onze website is daarvoor een zeer nuttig instrument, naar mijn idee.

We gaan aan de slag, want er is genoeg werk aan de winkel; ik heb er veel zin in!

Paul van Poppel.

Convenant ondertekend

Dinsdag 1 februari 2011 hebben vertegenwoordigers van sport- en beroepsvisserij en van het hoogheemraadschap tijdens een bijeenkomst in gemaal mr. U.G. Schilthuis, het convenant ondertekend voor de oprichting van de Visstandbeheercommissie Schieland en de Krimpenerwaard. Hiermee is een platform voor overleg en samenwerking gecreëerd voor visstand- en visserijbeheer in het beheersgebied van Schieland en de Krimpenerwaard, buiten de gemeente Rotterdam. Hoogheemraad Agnes van Zoelen heeft het convenant namens het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard ondertekend.
In de visstandbeheercommissie (VBC) streven de partijen naar een duurzame en gezonde visstand waarin rekening wordt gehouden met (ecologische) doelstellingen voor het water.
De commissie komt een keer per jaar bijeen voor een algemene vergadering. Daarnaast wordt een werkcomité ingesteld die alle werkzaamheden coördineert, ondersteund door regionale commissies. Een belangrijk project zijn de op te stellen visplannen. Het hoogheemraadschap toetst de visplannen o.a. op de waterkwaliteitsdoelstellingen en de Europese Kaderrichtlijn Water.