Om u de beste gebruikservaring te kunnen bieden, gebruiken wij cookies. Voor meer inhoudelijke informatie en het onderscheid die wij hier in maken, verwijzen wij u door naar ons cookiebeleid.

Accepteer cookies

Zuid-Holland

Friesland

Groningen

Drenthe

Overijssel

Flevoland

Noord-Holland

Utrecht

Financiële bijdrage waterschap sportvisserij-initiatieven recreactief medegebruik

Waterschap Aa en Maas nodigt u uit om uw sportvisserij-initiatieven binnen ons beheergebied bij ons in te dienen. Dit, om in aanmerking te komen voor een financiële bijdrage tot €2.500,- incl. BTW, waarbij de co-financiering maximaal 50% bedraagt. Deze initiatieven dienen samen te hangen met recreatief medegebruik van onze wateren en bij te dragen aan onze waterschapsdoelstellingen. Waterbeleving, -cultuurhistorie, -educatie, zichtbaarheid werk waterschap en participatie zijn hierbij richtinggevend.

Aanvraag indienen?
Heeft u een initiatief en wilt u weten of u in aanmerking komt voor financiële bijdrage (?) dan adviseren wij u, voordat u een aanvraag indient, om contact met ons op te nemen voor een eerste check. Als uit deze check blijkt dat uw aanvraag voor co-financiering in aanmerking komt, hebben wij de volgende info van u nodig:

• contactgegevens;
• een tekstuele beschrijving (wat betreft het, doel) i.c.m. een tekening of plan, afhankelijk van de aard van het initiatief;
• een prijsopgaaf of offerte om een inschatting te kunnen maken van de hoogte van het co-financieringsbedrag.

Reactietermijn waterschap
Wij streven ernaar om u binnen 4 weken, nadat u de aanvraag met alle benodigde stukken bij ons heeft ingediend, duidelijkheid te bieden of u een bijdrage van ons kunt verwachten. Ook geven wij aan hoe hoog het bedrag zal zijn en vóór welke datum dit bedrag zal worden overgemaakt. Hierbij geldt het principe wie het eerst komt wie het eerst maalt.

Voorbeelden
Het onderhouden/wijzigen van visstekken kan hierbij als co-financieringsvoorbeeld dienen.

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

Mijn naam is Ernest de Groot. Ik ben geboren en getogen in Uden aan de boorden van de Leijgraaf. Namens Water Natuurlijk ben ik Lid van het Dagelijks Bestuur van Waterschap Aa en Maas. Ik houd me daar o.a. bezig met de kaderrichtlijn water (KRW), ecologische verbindingszones, beekherstel, natuur-vriendelijke oevers, vismigratie, vispassages, een goede waterkwaliteit en recreatief medegebruik / sportvisserij.

Sportvisserij
Mijn vader was een fervent visser. Hij viste in de Maas, de Niers, de Nieuwe Wetering bij Appeltern en in diverse polders in Brabant, Gelderland en Zuid-Holland. Bij de LTS in Veghel had men een grote visvijver. Daar heb ik het vissen geleerd. Uren turen naar je dobber met alleen het ruisen van de populieren op de achtergrond. In de periode 1970-1975 was de Leijgraaf een dode waterloop met zwart, zuurstofloos water.

Na de aanleg van de riooltransportleiding van Uden naar Dinther werd de waterkwaliteit langzaam beter. Na 1976 hebben we heel wat vis vanuit die vijver in de Leijgraaf uitgezet. Nu weet ik dat het onttrekken en uitzetten van vis geregeld wordt via het visplan.

Natuurlijk water
Ik ben een voorstander van schoon, gezond, natuurlijk, recreatief water. Daar hoort de sportvisserij ook zeker bij. Hierbij houden we zo goed mogelijk rekening met het viswatertype. De bovenloop van een beek is anders dan een visvijver. Verder ben ik geïnteresseerd in echte beekvissen zoals de modderkruiper, riviergrondel, bermpje, beekprik (!) en bittervoorn. Af en toe doe ik vis-onderzoek met IVN en RAVON. Over de bittervoorn heb ik in de 5e klas mijn spreekbeurt gedaan. Ik ben er trots op dat we de afgelopen 15 jaar een groot aantal stuwen en gemalen vispasseerbaar hebben gemaakt. Vanuit de Maas kunnen vissen steeds verder ons beheergebied in zwemmen. Grote delen van de Aa, Biezenloop, Leijgraaf, Raam, Sint-Jansbeek en Vierlingsbeekse Molenbeek zijn weer bereikbaar voor optrekkende vissen. Ook de waterkwaliteit gaat nog steeds (langzaam) vooruit.

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

Ik ben Rob Versteegden, 38 jaar, woonachtig in Boekel en bestuurslid van HSV De Boekhorst in Boekel en Venhorst. Ik ben van kinds af aan fanatiek sportvisser. Sinds een jaar of vier ben ik slachtoffer geworden van het zeer hardnekkige ‘Karpervirus’ en sinds die tijd steek ik al mijn vrije uurtjes in alles wat met het karpervissen te maken heeft.

Ik ben in de VBC terecht gekomen naar aanleiding van de karpersterfte op de Aa door bluswater van een brand in Helmond. Op een bijeenkomst van de hengelsportverenigingen in het beheergebied Aa en Maas ben ik gevraagd om de plaats van Peter Otte in de VBC in te nemen samen met Jeroen Spierings.

Ondanks mijn drukke leven; vissen, werken, bestuur HSV De Boekhorst, vriendin, kinderen, etc. vind ik het voor mezelf belangrijk om steeds weer bij te leren en vooral als het mijn passie, het karpervissen, kan verrijken. Je kunt immers klagen over een karpersterfte, maar beter nog is actie ondernemen en kijken naar een oplossing. En als bestuurslid van het VBC zit je toch heel kort op het vuur.

Als nieuw bestuurslid is het wel even wennen aan de vergaderingen, Jeroen en ik zijn de enige ‘amateurs’, de overige bestuursleden zijn dagelijks beroepsmatig met de onderwerpen bezig. Dus het vakjargon en andere ‘vanzelfsprekende’ zaken zijn voor mij nog een beetje vreemd. Maar ik leer snel en hoop binnen een korte tijd een gelijkwaardige gesprekspartner te kunnen worden.

Mijn doelen die ik wil bereiken binnen het VBC zijn natuurlijk afhankelijk van de hengelsportverenigingen die ik samen met Jeroen vertegenwoordig. Deze doelen staan natuurlijk bovenaan het ‘lijstje’. Daarnaast wil ik de mogelijkheden voor karpervissers in het beheergebied verbeteren, alsook de mogelijkheden voor de jeugd. In mijn regio zijn op deze punten nog wel wat zaken te verbeteren.

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

Mijn naam is Fons Jonkers en ik ben bestuurslid bij KEHV De Ruischvoorn uit Tilburg. In die hoedanigheid zit ik ook in de VBC.

Ik ben zo rond mijn tiende jaar begonnen met vissen. Ik ben nu 55 jaar en vis nog steeds zo veel mogelijk! Karpervissen, mijn passie, is nu eenmaal een tijdrovende bezigheid. Maar ook de natuur vind ik ontzettend boeiend. Vang ik eens een keer niets dan nog is er dus altijd genoeg te zien als ik vis. Natuurbeleving is een essentieel onderdeel van mijn visserij.

Samen met enkele andere lokale karpervissers ben ik acht jaar geleden een Karperafdeling begonnen bij KEHV De Ruischvoorn. Doel is om de belangen van de karpervissers binnen de vereniging beter te kunnen behartigen. In die acht jaar hebben we al best wat bereikt. Zo mag er het hele jaar ’s nachts worden gevist op diverse wateren van onze vereniging, mag er met drie hengels worden gevist en hebben we inmiddels bijna 300 geregistreerde karpervissers bij onze afdeling. Een paar keer per jaar organiseren we thema-avonden. De zaal zit dan altijd tjokvol. Een logische volgende stap was toetreden tot het bestuur van De Ruischvoorn en dat doe ik nu sinds een jaar of vijf.

Binnen de vereniging hebben we ook een commissie die zich bezighoudt met visstandbeheer. Onze VBC heb ik met samenwerking van alle andere afdelingen eindelijk op poten gekregen en we zijn nu met een gemotiveerde club leden aan de slag met het visstandsbeheer. Een cursus van Sportvisserij Nederland specifiek gericht op stadswateren – naar aanleiding van de Keuzeklapper – moet ons gaan helpen om die wateren te verbeteren en een goede samenwerking aan te gaan met het waterschap en de gemeente.

Ik heb de taken van Frank van Loon, voormalig bestuurslid van De Ruischvoorn overgenomen en ben in deze VBC gestapt. Dat is wel even wennen, vooral het taalgebruik van brieven van en aan het Ministerie en de Unie van Waterschappen zijn voor mij geen dagelijkse taal. Maar het belang om de hengelsport te vertegenwoordigen binnen deze VBC is een goede drijfveer om me hier voor in te zetten!

VerdwAALd?!

Een verrassend aantal vissoorten passeert de aalgoot van Gemaal Gansoijen. Gemaal “Gansoijen” ligt in de meest westelijke punt van het beheersgebied van waterschap Aa en Maas.


Er is een speciale voorziening gemaakt die het gemaal passeerbaar maakt voor paling (aal) maar verrassend genoeg passeren er ook nog andere vissoorten door de aalgoot. De palingen variëren van 6 cm tot 40 cm. Van half maart tot half juni trekt glasaal vanuit het zoute zeewater naar het zoete binnenwater. Daar groeit de aal verder uit om uiteindelijk weer terug te keren naar de zee om te paaien. Aalgoten moeten de jonge palinkjes helpen het zoete water te bereiken.

Hieronder een overzicht van de vissoorten die in de periode van 17 juni t/m 19 augustus gebruik hebben gemaakt van de aalgoot.

kreeft 9
blauwband 1
kleine modderkruiper 15
paling 21
krab 2
stekelbaars 5

Vragen? Neem even contact op met Brenda Arends.

VBC Aa en Maas stelt zich voor....

Als nieuw bestuurslid van de Beheereenheid Stroomgebied De Aa neem ik , Jeroen Spierings, sinds kort samen met Peter Otte zitting in de VBC. Ik ben 26 jaar en opgegroeid in Heeswijk-Dinther en sinds kort woon ik in Veghel. Mijn beroep is vrachtwagenchauffeur bij een mengvoederbedrijf uit Veghel. Vissen is al vanaf jongs af aan één van mijn favorieten bezigheden; van witvissen met de vaste stok tot karpervissen en snoekbaarzen langs de Waal. Verder vind ik het prachtig om te duiken, om zo de onderwaterwereld van heel dichtbij te beleven.

Daarnaast ben ik al vier jaar actief als bestuurslid van HSV Vorstenbosch uit Heeswijk-Dinther. Dit is een vereniging met ongeveer 600 leden. Ik hou me binnen het bestuur voornamelijk bezig met de begeleiding van de jeugd en controle. De jeugd heeft die begeleiding meer dan nodig. We geven onder andere theorie- en praktijklessen op basisscholen in onze regio. Als vereniging zijn we dit jaar, in samenwerking met Sportvisserij Nederland, begonnen aan een proef met graskarpers . Dit om de effecten te bekijken die graskarpers hebben op de waterplantengroei op de Ringsloot (ons thuiswater) van de waterzuivering in Heeswijk-Dinther. De overmatige waterplantengroei maakte het een groot deel van het jaar onmogelijk om hier te vissen.

Momenteel ben ik ook druk doende met de Klotbeek. Dit is een visvijver die wij als vereniging pachten. Helaas gaat het met deze vijver niet zo goed. In deze vijver is het zuurstofgehalte erg laag. Dit komt waarschijnlijk mede door de dikke baggerlaag. We zijn nu in gesprek met gemeente Bernheze en waterschap Aa en Maas om samen tot een oplossing te komen.

Ik ben nog maar kort lid van de VBC maar ik hoop snel veel te leren zodat ik een volwaardig lid van de VBC kan zijn. Tot op heden ben ik twee keer aanwezig geweest bij een vergadering en deze waren heel interessant. Zo kregen we de vorige keer een rondleiding bij de omleiding van de Zuid-Willemsvaart die nu gegraven wordt.

Ik hoop nog veel te kunnen leren en mijn steentje bij te dragen binnen de visstandbeheercommissie.

Jeroen Spierings


 

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

 

Elk lid van de VBC Aa en Maas heeft nu een column geschreven, dus ik ben weer aan de beurt om de volgende ronde af te trappen. Het wordt een terug- en vooruitblik.

Vanaf de start in september 2009 vergaderen we tot eind 2013 14 keer; gemiddeld vier keer per jaar. Er is wat wisseling van leden, maar het aantal blijft op negen staan.
Daarnaast is Rijkswaterstaat Noord- Brabant op eigen verzoek vanaf het begin agendalid; men doet zijn best om aanwezig te zijn, maar het lukt niet altijd. Anderszins levert men een aantal nuttige bijdragen aan het werk van de commissie, De VBC ziet liever dat men kiest voor een gewoon lidmaatschap vanwege het belang van de Brabantse kanalen voor de visserij.

De commissie is ook vertegenwoordigd op enkele externe activiteiten, zoals een landelijke contactdag van VBC's, een open dag van het waterschap, een contactdag van de Beheereenheid Stroomgebied De Aa en de eerste gezamenlijke bijeenkomst van de drie VBC's in Noord- Brabant. (Jammer dat het tot nu toe bij één gebleven is).

Wat te zeggen over de vergaderingen? Ze zijn redelijk informeel met af en toe (niet teveel) ruimte voor een zijpad. De sfeer is plezant, er vinden constructieve gedachtewisselingen plaats, die meestal leiden tot actieve samenwerking of oplossingen in maatwerk voor concrete situaties.
Zonder iemand tekort te willen doen, vermeld ik graag dat het waterschap en zijn vertegenwoordigers een positieve bijdrage leveren aan de VBC. Dat is zeker van belang voor het goed functioneren van de commissie. En medewerkers van het waterschap komen regelmatig toelichtingen geven bijv. over monitoringen van de visstand of over de stand van zaken bij de vismigratie/vispassages.

Wat staat er zoal op de agenda? Ik stip een aantal onderwerpen aan:
 recreatief medegebruik in ecologische verbindingszones en andere terreinen of paden
 organisatie bij calamiteiten (“omgaan met vis bij ongewone omstandigheden”)
 volledig overzicht visrechthebbenden
 vismigratie/ vispassages; een handreiking staat op de website van de VBC
 gebruik van lokvoer/ nachtvissen/ karpervissen/ project graskarpers
 aalherstel/ onderzoeksproject bij het waterschap door stagiaires
 opstelling stekkenkaart/vervolg loopt in een apart project; afronding dit jaar
 advisering over verhuur visrechten resp. ondersteuning hengelsportverenigingen bij problemen
 actuele kwesties als bijv.: omleiding Zuid-Willemsvaart/ waterkrachtcentrale(WKC) in én verbreding van Wilhelminakanaal/ RWS- studies naar nog meer WKC's in de Brabantse kanalen/ gebruik van lood/ N 279 noord( Den Bosch- Veghel)

Het belangrijkste onderwerp is de opstelling van een visplan. Daarover vergaderden we een aantal keren en kregen ondersteuning van een medewerker van Sportvisserij Nederland. Met gepaste trots, want we zijn de eerste VBC, bieden we ons visplan medio 2011 ter goedkeuring aan aan het bestuur van het waterschap en via RWS aan de Staatssecretaris van Economische Zaken ( EZ, v/ h ELI). Omdat het de status heeft van groeidocument, verkrijgen we deze met adviezen over de nodige aanvullingen in de volgende plannen.
Inmiddels komt Staatssecretaris Dijksma met een nieuw visserijbeleid: visplannen voor het hele gebied van een waterschap worden niet verplicht, maar alleen voor “knelsituaties” en dan op uitnodiging van het waterschap; bij voorkeur op te stellen door een VBC. Wel worden jaarlijks rapportages van eventuele onttrekkingen en uitzettingen van vis verplicht. Een VBC als belangrijk en nuttig overlegplatform wordt ook niet verplicht, maar wel sterk aanbevolen.
Naar verwachting legt de Staatssecretaris binnen ca. twee jaar dit beleid vast in een wijziging van de Visserijwet.

Wij spreken af vooralsnog niet van onze koers als overlegplatform voor het hele gebied van het waterschap af te wijken en op dezelfde manier te blijven werken als tot nu toe.

Wat zal de toekomst ons als VBC brengen? Ik noem:
 de doorwerking van het hiervoor vermelde beleid van de Staatssecretaris na de wetswijziging
 het nieuwe Brabantse visserijbeleid: dit is vorig jaar door de drie Brabantse waterschappen
vastgesteld met het nodige overleg vooraf met de vertegenwoordiging van de
hengelsportverenigingen resp. VBC's. Grotendeels ondersteunen zij dit beleid; er zijn twee
attentiepunten overgebleven: geïsoleerde wateren( bijv. stadswateren en visvijvers) en
hengelsport nabij stuwen en sluizen.
• De gemeenten worden een belangrijke doelgroep. Voor hen én voor hengelsportverenigingen
komt een zogeheten Keuzeklapper beschikbaar, een praktische handleiding over hoe het
nieuwe beleid toe te passen. Ook daarover vindt thans het nodige vooroverleg plaats
 omdat de gemeenten nadrukkelijk in de picture komen, roept dat de vraag op: is het zinvol dat zij aan de VBC gaan deelnemen? En zo ja, in welke vertegenwoordiging?
 de waterschappen zijn toe aan een nieuwe generatie Waterbeheerplannen resp. de landsdelen van Nederland aan een nieuwe ronde Stroomgebiedplannen in het kader van de Kaderrichtlijn Water (KRW). De VBC's nemen deel aan de betrokken klankbordgroepen.
 afstemming en advies over actuele kwesties

Geen nood dus, er blijft genoeg werk aan de winkel voor VBC A en Maas en wat mij betreft pakken we dat even voortvarend aan en in dezelfde sfeer als de eerste 4,5 jaar.

Paul van Poppel, voorzitter.

 

 

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

Deze keer is het mijn beurt om me voor te stellen. Bij deze dan, ik ben Ard Verheijen. Ik ben geboren in 1976, wat me nu dus 37 jaar oud maakt. Of misschien kan ik beter zeggen “37 jaar jong” want in de hengelsport ben je als 37-jarige zelden één van de oudsten. Ik woon in Tilburg, samen met mijn vriendin Marylou en de twee liefste kinderen ter wereld; Evi en Siem.

Ik werk nu al meer dan 10 jaar voor Sportvisserij Zuidwest Nederland en richt me dan vooral op Zuid-Holland en het oosten van Noord-Brabant. Mijn functie heet officieel belangenbehartiger. Dit zegt misschien niet zoveel. Eerst heette mijn functie Adviseur Sportvisserijaangelegenheden. Nog steeds vrij abstract maar het zegt misschien al iets meer over wat ik zoal doe. Het beste kan ik echter verwijzen naar onze website waarop ik in de Week met Ard wekelijks verslag doe van wat ik die week allemaal meegemaakt heb.

De appel valt ook bij ons in de familie niet ver van de boom. Mijn vader vist zelf amper, die stapt liever op de fiets. Toch was het niet verrassend dat ik ging vissen toen knieproblemen mijn gedroomde debuut in het eerste van Ajax in de weg stonden. Twee ooms en mijn neef visten namelijk ook. Mijn oom maakte jaren deel uit van de Nederlandse ploeg en is zelfs in 1982 in Noord-Ierland wereldkampioen geworden. Net als mijn ooms en neef vis ik vooral wedstrijden. Ik vis voornamelijk met de vaste hengel op brasem en karper, al moet ik zeggen dat ik zeelt de allermooiste vis vind.

Vroeger was de Zuid-Willemsvaart mijn favoriete viswater maar door teruglopende vangsten beperk ik me nu eigenlijk tot het vissen op visvijvers in Nederland en België. En laat het beheergebied van waterschap Aa en Maas nou het Mekka van de visvijvers zijn! Bijna elk dorp heeft zijn eigen visvijver. Ik denk dat het belang van deze vijvers – maar ook stadswateren – steeds groter zal worden. Zoals gezegd neemt de visstand in natuurlijkere wateren steeds verder af tot een niveau dat het voor de recreatievisser en wedstrijdvisser eigenlijk oninteressant is. Visvijvers hebben door een planmatig visstandbeheer een veel hogere visstand. Daar is ook niks mee. Ik denk dat we visvijvers nog meer moeten gaan zien als sportvelden. Een voetbalveld wordt ook bemest en gemaaid. Hier streef je niet naar schraal blauwgrasland. Het water van visvijvers hoeft ook niet kraakhelder te zijn.

Binnen VBC Aa en Maas is het begrip visvijvers natuurlijk geen onbekende. Op dit moment besteden we er echter nog maar weinig aandacht aan. Dit komt omdat veel visvijvers van een gemeente zijn. Voortvloeiend uit het Brabantbrede Visserijbeleid gaat het waterschap gemeentes meer betrekken bij visstandbeheer. Ik vind het belangrijk dat we hier als georganiseerde hengelsport vanaf het begin bij betrokken zijn. Allereerst om onze belangen optimaal te kunnen behartigen maar ook omdat niet alle gemeentes over genoeg kennis van visstandbeheer en sportvisserij beschikken. Kortom, de komende jaren hoeven we ons niet te vervelen. 

Ard Verheijen
 

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

 

Ik heb niks met sportvissen!

Ik heb zelf niks met sportvissen. Misschien een schok voor velen? Het is trouwens ook niet helemaal waar. Ik heb wel wat met vissen! Toen ik twee jaar geleden op vakantie naar Frankrijk ben gegaan heb ik heerlijk tussen vissen gezwommen (van soms wel een halve meter). Of de vissen het leuk vonden weet ik niet. Ik heb echt genoten van die beesten. Wat ik erg belangrijk vind is dat we goede aandacht geven aan en zorgen voor het totale ecosysteem. Daarbij hoort een goede waterkwaliteit en zeer zeker ook een gezonde vispopulatie.

Als RWS-er ben ik blij dat ik deel mag uitmaken van de VBC Aa en Maas. Wat een openbaring toen ik voor het eerst bij de VBC kwam. Ik wist niet dat er zoveel mensen betrokken waren bij de sportvisserij en dat er zo veel verschillen binnen de sportvisserij waren. Ik dacht dat het om een beperkte hoeveelheid mensen ging met een eenduidig beeld over vissen. Maar daar kwam ik even bedrogen uit. Nee, het is een megagroep mensen die zeer divers met hun passie en sport omgaan. Ook heb ik bewondering gekregen voor de Sportvisserij Zuidwest Nederland die daar zo goed mogelijk mee kan en wil omgaan. Kortom mijn ogen zijn opengegaan.  

Ik waardeer enorm de passie die uitstraalt van de mensen die met sportvisserij bezig zijn. Maar zoals ik al zei zit ik er niet alleen in om die passie te zien en te beleven maar veel meer om te zorgen dat we goed naar de hengelsport luisteren. Dat we goed weten wat er leeft en dat we zorgen dat we de doelstellingen die we met zijn alleen hebben afgesproken m.b.t. de Kaderrichtlijnwater en de waterkwaliteit ook kunnen naleven. Wat ik verder belangrijk vind is de directe samenwerking. De VBC moet weten wat er speelt binnen Rijkswaterstaat en Rijkswaterstaat moet weten wat er speelt bij de sportvisserij. Ook heel pragmatische zaken kunnen we op die manier goed tackelen. Bijvoorbeeld de bereikbaarheid langs het kanaal. Korte lijnen zijn daarbij belangrijk.
We hebben de afgelopen periode natuurlijk de visplannen gezien die door het Ministerie van EZ zijn goedgekeurd. Dat is belangrijk dat dit goed gebeurt. Kortom toch heel veel redenen om de VBC een warm hart toe te dragen en daarbij hoop ik op een gezonde vispopulatie voor nu en in de toekomst. Daar wil ik mij ook hard voor maken!

Peter Omvlee
Rijkswaterstaat Zuid Nederland

Waterschap stelt Visserijbeleid vast

Het bestuur van waterschap Aa en Maas heeft in haar vergadering van 7 juni 2013 het Brabantbrede Visserijbeleid vastgesteld. Dit visserijbeleid is een coproductie van de waterschappen Aa en Maas, Brabantse Delta en De Dommel en is een uitwerking van het beleid met betrekking tot recreatief medegebruik voor de sportvisserij op oppervlaktewateren in de betreffende beheergebieden.

Klik hier voor het Brabantbrede Visserijbeleid.

Waterschap brengt Handreiking Vispassages uit

In januari 2013 is de Handreiking Vispassages in Noord-Brabant uitgekomen. Deze handreiking is een product ontstaan uit de samenwerking tussen de drie Brabantse waterschappen - De Dommel, Aa en Maas en Brabantse Delta - en vormt een weergave van jarenlang opgebouwde praktijkervaring met vismigratie en vispassages.

De afgelopen jaren zijn in Brabant veel vispassages aangelegd en is door onderzoek inzicht verkregen in de werking van vispasssages in relatie tot bijvoorbeeld het natuurlijk gedrag van vissen. Deze ervaring en kennis is door specialisten van de drie Brabantse waterschappen toegankelijk gemaakt in de handreiking vispassages Noord-Brabant. Deze handreiking geeft adviezen, die eenduidig en praktisch toepasbaar zijn voor specialisten en anderen geïnteresseerden. Achtergronden voor het ontwerpen van vispassages vanuit vissen, hydraulica en waterbeheer zijn uitgewerkt. Het proces om keuzes te maken voor het ontwerpen van vispassages is geschetst. En alle typen vispassages bij stuwen en bodemvallen die in Noord-Brabant zijn aangelegd, worden uitgebreid behandeld.

Vissen de mogelijkheid bieden om tussen gebieden te migreren is een doelstelling van de waterschappen. Ook de komende jaren werken de waterschappen hard aan het oplossen van migratiebarrières door de aanleg van vispassages. Met deze handreiking willen wij onze ervaringen met betrekking tot de keuze, aanleg en beheer en onderhoud van vispassages delen met anderen. Mochten er vragen zijn met betrekking tot de handreiking dan kan er altijd contact worden opgenomen met de volgende auteurs.

Jappe Beekman | waterschap Aa en Maas
Marco Beers | waterschap Brabantse Delta
Judith Coenen | waterschap De Dommel

Vis kan weer zwemmen

De vispassage naast de historische watermolen in Vierlingsbeek is af. Samen vormen 32 houten en metalen drempels de treden van deze trap. Middels de treden kunnen vissen stroomopwaarts, stap voor stap, langs de watermolen zwemmen. Een eerste stap in de richting van een natuurlijk stromende beek is daarmee gezet. Op 14 april is de vispassage geopend tijdens het Natuurweekend Vierlingsbeek.

De Vierlingsbeekse Molenbeek was ooit een slingerende beek die door de jaren heen flink is rechtgetrokken om de afvoer te versnellen. Dit leidde tot wateroverlast in lager gelegen gebieden, verdroging hogerop en het verdwijnen van het natuurlijke karakter van de beek. Samen met burgers, partijen en deskundigen is daarom een beekherstelplan opgesteld. De aanleg van de vistrap maakt onderdeel uit van dit plan. Mark Kerkhoff, projectleider bij waterschap Aa en Maas: "We willen de beek haar natuurlijke karakter teruggeven en de waterhuishouding verbeteren volgens de nieuwste inzichten. Niet alleen de beek, maar het gehele beekdal wordt daarbij aangepakt. Hierdoor krijgt de beek weer ruimte om te kronkelen en kan ze bij grotere hoeveelheden water uit haar bedding treden zonder wateroverlast te veroorzaken. Aanliggende natuurgebieden zullen hierdoor wat vaker onder water lopen, wat goed is voor de natuurontwikkeling. Gelijktijdig wordt water vastgehouden waardoor er in de lager gelegen gebieden minder sprake is van wateroverlast. De gevreesde afvoerpieken worden door de extra ruimte opgevangen. Dit is hard nodig, want door klimaatverandering worden vaker en hevigere neerslaghoeveelheden verwacht".

In de plannen is speciale aandacht besteed aan de manier waarop het water door de beek stroomt. Door twee grote stuwen te verwijderen en natuurlijke beekprofielen met hoogwatergeultjes aan te leggen zal er meer variatie in de beek ontstaan. Ook wordt zoveel mogelijk gewerkt met natuurlijke materialen zoals hout, beekzand en planten. De kans is groot dat beschermde dieren als bevers en otters straks meer voorkomen in het gebied. De aanleg van de vispassage draagt hier aan bij. Om te tellen hoeveel vissen daadwerkelijk door de vispassage zwemmen wordt binnenkort een fuik aan de vistrap gehangen. De plannen voor het herstel van het beekdal zijn naar verwachting eind dit jaar definitief. Dan gaan ook de werkzaamheden van start. In 2015 moet het beekdal in volle glorie zijn hersteld.

Contactgegevens bij calamiteiten

Wie moet je benaderen als je iets ziet dat niet helemaal in de haak is? Bijvoorbeeld bij extreme droogte of in het geval van een overstort. VBC Aa en Maas heeft hiervoor kaarten opgesteld waarop al deze informatie te vinden is. Deze informatie kun je vinden onder het kopje Contactinformatie.

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

Als beleidsmedewerker watersysteem ben ik, Nol Plompen, werkzaam bij waterschap Aa en Maas. Ik houd mij onder andere bezig met onze inrichtingsopgave die voortkomt uit de Kaderrichtlijn Water, zoals het herstel van beken (inclusief vismigratie) en de daarbij passende visstand. Maar ik ben ook betrokken bij de beleidsvorming binnen thema’s als waterconservering, beheer en onderhoud van het watersysteem en recreatie. Bij recreatie, beheer en onderhoud, en de inrichtingsopgave voor onze waterlopen, kom ik in aanraking met de belangen van de visserij. De VBC is voor mij dan ook een verlengstuk van mijn werkzaamheden bij het waterschap en een mooi platform om de samenwerking te versterken.

Werken bij een beleidsafdeling van de overheid en dan ook nog bij een waterschap spreekt lang niet tot ieders verbeelding. Onbekend maakt vaak onbemind. Maar heb je, zoals ik, de sprong in het diepe gemaakt, dan ben je zo met het ‘watervirus besmet’ en heb je nooit meer een saaie dag. En zeker niet als je je ook nog eens mag bezighouden met alles wat leeft in en rond die bak met water.

In het waterrijke land waarin wij leven moet je oppassen dat je niet achter de feiten aanloopt. Net als bij het weerbericht is het niet zo moeilijk aan te geven wat de huidige situatie is of wat op korte termijn mag worden verwacht. Inspelen op de langetermijnverwachtingen is lastiger. Daarbij zijn ook wij afhankelijk van modelmatige verwachtingen en onzekerheden over de klimaatontwikkelingen. De klimaatverandering, die ook in Oost-Brabant gaat leiden tot nattere winters, drogere zomers en (vooral ’s zomers) hevigere regenbuien, is naar verwachting in 2020 al merkbaar. Periodes van droogte zijn vrijwel elke zomer een probleem en houden langer aan dan nu. Aanhoudende depressies met veel regen leiden tot frequenter en extremer hoog water in de Maas en beken als de Aa en Lage Raam. Noodzakelijke aanpassingen in beheer en inrichting raken ook het huis van de vis en daarmee de sportvisserij. De VBC is daarbij een goed overlegplatform om het waterbeheer en het visserijbeheer goed op elkaar aan te laten sluiten.

De vrijetijdseconomie kent een groei naar grote hoogten en daarmee de vraag naar aantrekkelijke recreatiegebieden met genietbaar water. Door de toenemende vrije tijd en economische teruggang neemt de afhankelijkheid van lokale en regionale recreatie mogelijkheden toe. De vraag is dan ook groot en de druk op de beschikbare ruimte neemt nog steeds toe. Recreatieve ontwikkelingen hebben ook hun effect op de wateren in beheer bij het waterschap. De huidige bestuurscoalitie binnen het bestuur van waterschap Aa en Maas wil dan ook meer ruimte bieden aan het zogenaamde recreatief medegebruik. Waterschap en sportvisserij maken hier gezamenlijk werk van. Een mooi voorbeeld hiervan is het lopende stekkenproject dat gericht is op verbeteren van de afstemming in beheer en inrichting van visstekken.

De tijd dat betrokken partijen tegenover elkaar stonden is definitief voorbij en maakt plaats voor intensieve samenwerkingsvormen om gezamenlijke doelen te realiseren. Vanuit het waterschap denken we met onze partners liever in gezamenlijke opgaven en oplossingen dan in tegenstellingen. We willen dat het waterschap wordt gezien als een betrouwbare, deskundige partner waarmee waterproblemen worden aangepakt en ontwikkelingskansen in het gebied worden benut. Dit vraagt van ons een positief relatiebeheer, het opbouwen van een vertrouwensband met onze partners, respect voor ieders belangen en deskundigheid.
Als waterbeheerder opereren we in steeds wisselende structuren en op verschillende schaalniveaus. Voor elk netwerk en voor elke partner is een eigen aanpak en benadering nodig, wat vraagt om flexibiliteit in de organisatie en bij de medewerker.
Belangenorganisaties zoals die van de sportvisserij zien we vooral als partner die we deelgenoot maken van gezamenlijke uitdagingen. Daarmee laat het waterschap zien dicht bij de praktijk van alledag te staan en oog te hebben voor de verwachtingen van de bewoners en de mogelijkheden in het gebied.

De praktische vertaling van het beleidswerk bij Aa en Maas laat zien waar een gezamenlijke aanpak toe kan leiden en enthousiasme bij mij, mijn collega’s en onze samenwerkingspartners.

Als vervolgens ook de gebruiker, zoals de sportvisser, enthousiast wordt van de geleverde resultaten van al die inspanningen die o.a. hebben geleid tot die mooie visstek, dan is dat een mooi voorbeeld van waar toe de samenwerking tussen waterschap en visserij kan leiden.


Nol Plompen

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

Mijn naam is Martijn Fliervoet, districtsbeheerder-rentmeester bij Stichting Het Noordbrabants Landschap, kortweg Brabants Landschap. Vanaf de oprichting van VBC Aa en Maas in 2009 heb ik, mede namens Natuurmonumenten en Staatsbosbeheer, zitting in de VBC . Ik vertegenwoordig hierin de belangen van de natuur en het grondeigendom.

Binnen onze natuurgebieden hebben wij met lokale hengelsportverenigingen een aantal huurovereenkomsten gesloten of hebben wij een overeenkomst met een vereniging gesloten die dan gerechtigd is namens ons visvergunningen uit te geven. We hebben deze overeenkomsten met lokale verenigingen gesloten, vanwege de grotere betrokkenheid van lokale mensen met hun directe omgeving.
Natuur dichtbij huis is niet voor niets ons motto!

Wij vinden sportvisserij een vorm van recreatie die met goede spelregels passend kan zijn binnen onze natuurgebieden. Sommige vormen van sportvisserij zijn namelijk ook een vorm van natuurbeleving. Sommige, in mijn ogen, ook niet. Mij is de afgelopen jaren wel duidelijk geworden dat een visser in de vroege ochtend ook geniet als een ijsvogel bij hem of haar opduikt. Persoonlijk geniet ik meer en kom ik meer tot rust van een wandeling door een natuurgebied, dan starend naar een dobber. Mijn vorm van “jagen” is het speuren naar insecten, vogels en andere dieren, al dan niet met fototoestel of verrekijker. Zodra ik in de buurt kom van een waterpartij (van poel tot sloot; van ven tot rivier), ga ik op zoek naar waterdieren. Ik vind het echt genieten om een visdiefje over het water achter een school vissen aan te zien jagen. Het schoolgedrag van de vissen vind ik daarbij buitengewoon fascinerend.

Een aantal jaren geleden is een aantal waterplassen binnen natuurgebied De Vilt in Boxmeer schoongemaakt. Alle opgeschoonde plassen zijn een aantal dagen volledig droog geweest. Voordat dat kon gebeuren zijn, zo goed mogelijk, door een beroepsvisser, samen met de lokale vereniging, alle vissen uit de waterplassen gehaald. Verbazingwekkend is hoe snel (binnen één jaar) de waterplassen weer bevolkt zijn met vis. Ten behoeve van de hengelsport hebben we één van de plassen een handje geholpen. Op de plassen waar, vanwege natuurbelangen, geen recreatief gebruik door sportvisserij meer mogelijk was, zijn alleen de wettelijk beschermde bittervoorns teruggebracht. Naast de bittervoorns leven er inmiddels onder andere ook weer stekelbaarzen, rietvoorns en snoek in de waterplassen. Samen met waterschap Aa en Maas zijn we de ontwikkelingen aan het monitoren.
De voor de bittervoorn belangrijke zwanenmossel is ook actief uitgezet. De zwanenmossel heeft een cruciale functie bij de voortplanting van de bittervoorn. De bittervoorn zet haar kuit af in de mossel, waarna vervolgens het mannetje zijn hom in de mossel inbrengt. In de kieuwholte vindt vervolgens de bevruchting plaats. Zodra de jonge visjes kunnen zwemmen verlaten ze de mossel. Een veilige bescherming voor de eerste dagen.
Naast een goede visstand voor mens en natuur, praten we in de VBC ook over de consequenties van de hengelsport op haar omgeving. Dit levert regelmatig interessante discussies op. Alle leden van de VBC discussiëren vanuit een grote betrokkenheid en interesse mee. Vooral deze interactie vind ik één aantrekkelijke aspecten van mijn deelname aan de VBC.

Martijn Fliervoet

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

Sinds enige tijd mag ik, Peter van Dijk, namens het bestuur van waterschap Aa en Maas deel uitmaken van de visstandbeheercommissie. Terwijl ik dit schrijf bedenk ik dat dit eigenlijk een pracht van een woord voor galgje of scrabble zou zijn. Het fenomeen visstandbeheerscommissie was tot voor kort ook bij mij een redelijk onbekend begrip. In het algemeen bestuur had ik daar wel ooit zijdelings van gehoord maar hoe een en ander was geregeld was voor mij acabadabra. Ook voor wat betreft het inhoudelijke werk was de commissie voor mij een black box.

Nu heb ik persoonlijk weinig met vissen behalve dan dat het mijn sterrenbeeld is. Vissen zijn voor mij tamelijk onbekende beesten die onder de waterspiegel leven. Ik vind het wel leuk om naar vissen te kijken. Ik ben woonachtig naast de Helenavaart waarover een aantal brugjes ligt en als ik dan een keer wat tijd heb vind ik het leuk om even in het water te kijken. Door de steeds verder toenemende waterkwaliteit wordt het water steeds helderder en als het licht goed staat kijk je zeker een één meter diep het water in. Recent zwommen daar tot mijn verbazing twee grote vissen langs (zeker 60 cm lang!). Vanwege mijn gebrekkige kennis kan ik helaas niet zeggen wat voor soort het was. Sindsdien kijk ik wat vaker en je ziet dan van alles langszwemmen. Grote vissen, hele scholen kleine visjes, van alles wat, en het is zelden dat er helemaal niets langs komt zwemmen.

Vroeger toen ik een stuk jonger was mocht ik wel eens mee met mijn opa gaan vissen. We gingen dan altijd eerst pieren wiegelen en daarna met de auto naar het kanaal in Lieshout. Als de vissen beten dan was het meestal wel vol te houden om op te letten. Anders was het als er helemaal niets gebeurde met de dobber. Na wat toen leek een hele lange tijd ging ik dan wat stenen zoeken om in het water te gooien. Opa vond dat in het begin wel leuk maar toen zijn dobber het mikpunt van de stenengooierij werd was hij een stuk minder begrijpend. Behalve stenen gooien was ook het op en af de kanaaldijk klimmen erg leuk. Vaak zo leuk dat hengel en dobber vergeten werden en dat bij het opruimen bleek dat er toch een vis gebeten had met alle gevolgen van dien.

Met alleen deze ervaringen was ik een aantal maanden geleden welkom voor mijn eerste vergadering van VBC. Tijdens deze vergadering bleek dat er een zeer serieuze club gedreven mensen bijeen waren die op een inhoudelijk hoog niveau allerlei zaken oppakken die van belang zijn voor vissen en vissers. Het viel me op dat de discussie ook regelmatig vanuit de vis werd gevoerd waarbij allerlei aspecten als leefgebieden, waterkwaliteit, vispasseerbaarheid van stuwen en sluizen aan de orde kwamen. Tegen al dat inhoudelijk geweld kon ik op dat moment nog niet op maar met hulp van onder meer collega-bestuurslid Jos van den Broek die me wat literatuur heeft verstrekt hoop ik spoedig een goede bijdrage te kunnen leveren vanuit waterschap Aa en Maas. Vanzelfsprekend ben ik voor iedereen aanspreekbaar dus mocht U opmerkingen hebben dan kunt U die via het waterschap aan mij kwijt en dan zal ik proberen er iets mee te doen. Dit zal ik dan met name doen vanuit de VBC zodat de collega's daar mede hun mening kunnen geven. Ik denk dat we er gezamenlijk wel uit gaan komen.

Peter van Dijk

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

Als bestuurlid van de Beheereenheid Stroomgebied De Aa – een samenwerkingsverband van 23 verenigingen – heb ik zitting in VBC Aa en Maas. Ikzelf ben lid van HSV Veghel en woon daar ook. Omdat ik betrokken ben geweest bij een aantal spiegelkarperprojecten in het zuiden van het land was de stap om tot het bestuur van Beheerseenheid De Aa toe te treden niet zo groot. Bovendien vind ik dat je je belangen alleen kan veiligstellen door ze zelf te behartigen.

Tot voor een paar jaar terug waren er twee beheereenheden in het stroomgebied van de Aa die elk apart vergunningen uitgaven. De visrechten lagen in die jaren nog bij de verenigingen zelf. Een eerste stap was om de visrechten onder te brengen bij de twee beheereenheden.

Tevens vonden gesprekken plaats om te komen tot één beheereenheid. Dat dit alles niet zonder slag of stoot gebeurde mag duidelijk zijn. Veel verenigingen beschouwden hun viswater als een troetelkind dat je niet makkelijk loslaat. Nu we wat jaren verder zijn wijzen alle neuzen gelukkig dezelfde kant uit en kan er vooruit gekeken worden. De visstandbeheercommissie draagt daar zeker aan bij.

Eén van de taken als hengelsportvertegenwoordiger binnen de VBC is het waarborgen van de bereikbaarheid voor vis en vissers. Ecologische verbindingszones kunnen de bereikbaarheid voor sportvissers verslechteren. Als VBC hebben we bijvoorbeeld een stekkenkaart opgesteld met hierop de veel bezochte visplekken. Deze is voor waterschap Aa en Maas mede uitgangspunt bij inrichtingsplannen. Ik vertegenwoordig de hengelsport ook binnen andere projecten zoals het masterplan bij Veghel en beekherstel Aa Heeswijk-Dinther. Hierbinnen hebben we tal van (invalide)steigers weten te realiseren met daarbij behorende parkeerplaatsen. Ook de bereikbaarheid stroomopwaarts voor vissen is een meer dan goede ontwikkeling die plaatsvindt. Tal van vistrappen zijn er nu te vinden in het stroomgebied van de Aa.

De kracht van de VBC zit erin dat alle belangrijke partijen vertegenwoordigd zijn in VBC Aa en Maas en je ze aan kunt spreken op hun verantwoordelijkheid om een goede visstand te waarborgen.

Peter Otte

 VBC Aa en Maas rondt eerste visplan van Nederland af

Visstandbeheercommissie Aa en Maas heeft als eerste visstandbeheercommissie in Nederland een visplan gemaakt voor een waterschapsgebied. Zij is hierbij gefaciliteerd door Sportvisserij Nederland. In november 2011 heeft het bestuur van waterschap Aa en Maas dit visplan goedgekeurd.

VBC Aa en Maas is het platform voor samenwerking, overleg en afstemming tussen belanghebbenden bij de visserij en de visstand in het werkgebied van waterschap Aa en Maas, inclusief de Brabantse kanalen die in beheer zijn bij Rijkswaterstaat. Deelnemers zijn: vertegenwoordiger(s) van hengelsportverenigingen, waterschap Aa en Maas, Brabants Landschap en Staatsbosbeheer; Rijkswaterstaat Noord-Brabant is agendalid. Onafhankelijk voorzitter is Paul van Poppel.

Het eerste visplan van Aa en Maas (plus de Brabantse kanalen) beschrijft het huidige en toekomstige visserijbeheer en de maatregelen of activiteiten die daarvoor nu en/ of later nodig zijn om dat beheer te realiseren. De visrechthebbenden, dat zijn de hengelsportverenigingen, laten in het visplan zien hoe zij op een verantwoorde én duurzame manier in het gebied zullen gaan vissen.

Het visplan is een zogeheten groeidocument, dat in de volgende jaren verder ingevuld zal worden. Het komend jaar begint de VBC met de uitvoering van een aantal activiteiten uit het visplan, zoals het opstellen van een visstekkenkaart (waar en hoe kan er worden gevist)

Voor de Rijkswateren, zoals de Brabantse kanalen, is het tegenwoordig verplicht om een visplan op te stellen. Voor de andere oppervlaktewateren uit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) geldt deze verplichting ( nog) niet, maar de waterschappen hebben deze vrijwillig overgenomen en VBC's opgericht voor de opstelling van visplannen voor hun werkgebieden. In een later stadium komen daarin ook andere wateren aan de beurt, bijv. stedelijke vijvers.

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

Een onderwerp, dat ik van groot belang vind, voor de behandeling in de visstandbeheercommissie, is het gevaar voor het uitsterven van de paling.
Wij zullen moeten bezien welke mogelijkheden er zijn om een bijdrage te geven om er voor te zorgen dat ook in de toekomst deze vissoort in onze wateren aanwezig blijft.

Paling plant zich voort in de Sargassozee. Daarvoor moeten schieralen (paairijpe alen) naar dit paaigebied zwemmen. De jonge aaltjes (glasalen) bereiken onze kust en begeven zich dan landinwaarts waar zij opgroeien tot schieralen. Gedurende de levensfasen treden er allerlei problemen op waardoor de aal met uitsterven wordt bedreigt. Het aanbod van glasalen is op dit moment bijvoorbeeld nog maar circa 1 % van de hoeveelheid in 1980.
Belangrijke oorzaken van de achteruitgang zijn:
• de sterfte in waterkrachtcentrales en gemalen
• bevissing
• invloed van vervuiling waardoor geen voortplanting meer mogelijk is

De achteruitgang geldt niet alleen in Nederland maar in geheel Europa. Door de Europese Unie is daarom bepaald dat ieder land een aalbeheerplan moet maken met als uitgangspunt dat 40 % van het oorspronkelijke aantal alen moet kunnen uittrekken.
In Nederland heeft dat geresulteerd in een aantal maatregelen:
• De sportvisserij heeft voor alle hengelaars een meeneemverbod ingesteld
• De beroepsvissers mogen in de periode van september tot december geen aal meer vangen
• In de waterkrachtcentrales moet de sterfte worden verminderd

Daarnaast wordt door de waterschappen veel werk verricht dat een goede bijdrage levert. Dat bestaat vooral uit:
• De realisatie van vispassages
• Vermindering van sterfte in gemalen
• Het instellen van aalreservaten

Tot slot is er recent nog een vangstverbod voor paling (en wolhandkrab) van kracht voor de wateren, die vervuild zijn met dioxines en pcb’s. Dat geldt vooral voor de grote rivieren.

De wateren van Aa en Maas zijn volgens mij erg geschikt om een aalreservaat in te richten vanwege de geringe vervuiling en het ontbreken van beroepsvissers. De glasaal heeft de mogelijkheid om in te trekken door de realisatie van diverse vistrappen waaronder de verbinding van de Aa en de Dommel met de Maas bij Crevecoeur en een aalgoot bij het gemaal in Gewande.
Ook kan de schieraal uittrekken, zodat voor nageslacht gezorgd kan worden.
In het bijzonder het gebied dat afwatert achter de sluis in Lith (stroomgebied van de Aa en de Koningsvliet) is geschikt omdat de schieraal dan op weg naar zee geen waterkrachtcentrale hoeft te passeren.

Om de hoeveelheid geschikte alen in het aalreservaat te vergroten kan ook nog gedacht worden aan het uitzetten van jonge aal. Dat kan glasaal zijn en eventueel ook pootaal. Deze jonge alen moeten gebiedseigen zijn. Dat wil zeggen dat zij worden gevangen in de omgeving van waaruit zij verder zouden kunnen trekken naar het aalreservaat, omdat anders het gevaar bestaat dat zij later als schieraal de weg naar zee niet meer zullen terugvinden. Helaas is het echter op dit moment nog niet mogelijk om gebiedseigen glasaal te kopen en ook de mogelijkheden voor geschikte pootaal zijn op dit moment niet aanwezig. Ik blijf er echter bij Sportvisserij Nederland en Sportvisserij Zuidwest Nederland om deze mogelijkheden verder te onderzoeken, zodat het herstel van de aal verder kan worden bevorderd.

Jos van den Broek

VBC Aa en Maas stelt zich voor...

Die eigen website kunnen we als commissie natuurlijk niet zomaar laten gebeuren en daarom hebben we besloten om per toerbeurt een verhaaltje te plaatsen. Aan mij als voorzitter de eer om af te trappen. Zoals voor alle commissies nam de voorbereiding voor de VBC Aa en Maas enige tijd in beslag, maar op een zonnige namiddag in juni 2009 lag er dan een convenant tussen alle betrokken partijen met Rijkswaterstaat, belanghebbende vanwege de kanalen, als agendalid. De ondertekening vond plaats in een feestelijke sfeer; het waterschap had nabij de Kilsdonkse molen een aparte partytent neergezet. Een prima actie, want het is altijd goed voor de sfeer om zo te beginnen, met een drankje en een hapje en een paar warme toespraakjes.

Ik mag dus voorzitter zijn. Tot voor een jaar of vier was de sportvisserij voor mij een nogal onbekende, maar dat gemis heb ik snel in kunnen halen, o.a. omdat ik bemiddelaar werd bij een conflict tussen waterschap Aa en Maas, het Brabants Landschap en de gemeente Boxmeer enerzijds en drie hengelsportverenigingen anderzijds, terwijl ik daarnaast nu ruim twee jaar AB-lid ben van waterschap De Dommel namens Water Natuurlijk; deze groepering is, zoals wellicht bekend, door Natuurmonumenten en Sportvisserij Nederland gezamenlijk opgericht ivm de waterschapsverkiezingen van eind 2008.
Tel ik daar deze VBC bij op dan voel ik me inmiddels al aardig als een vis in het water in de wereld van de hengelaars en voel aan wat ik een sportvisser in een TV-programma onlangs hoorde zeggen: “Door ontspanning spanning!”.

Als VBC zijn we tot nu toe zeven keer bij elkaar geweest. Uiteraard is onze belangrijkste klus het maken van een visplan. We gaan dat over 14 dagen definitief vaststellen om het vervolgens ter toetsing aan te bieden aan het bestuur van het waterschap. “Completer en concreter dan vele andere visplannen, die in de maak zijn”, zo zei de medewerker van Sportvisserij Nederland, die ons – prima - ondersteunt bij de opstelling.
Conform de wet hebben we het visplan voor de Brabantse kanalen eind vorig jaar al voor een eerste toetsing aan de betrokken staatssecretaris aangeboden.

In deze zeven vergaderingen hebben we natuurlijk ook over andere onderwerpen gesproken. Om er willekeurig een aantal te noemen: aalherstel/ -reservaat; monitoring vistand/ visstandonderzoek; vissen in ecologische verbindingszones met een afspraak over spelregels; de konsekwenties van de omleiding van de Zuid-Willemsvaart; omgaan met vis in ongewone omstandigheden; lokvoer en waterkwaliteit; de plannen voor enkele waterkrachtcentrales in de kanalen en andere wateren. Als het nuttig is nodigen we een externe inleider uit; dat is inmiddels al een paar keer gebeurd en met succes. En binnenkort verschijnt ons eigen logo!

De sfeer in de commissie vind ik open en prettig en getuigen van een gezonde uitwisseling van “halen en brengen”. En in Ard Verheijen beschikken we over een uitstekende secretaris. Kortom: we zijn goed bezig, constateer ik en dat houden we ook zo wat mij betreft!

Paul van Poppel