Om u de beste gebruikservaring te kunnen bieden, gebruiken wij cookies. Voor meer inhoudelijke informatie en het onderscheid die wij hier in maken, verwijzen wij u door naar ons cookiebeleid.

Accepteer cookies

Zuid-Holland

Friesland

Groningen

Drenthe

Overijssel

Flevoland

Noord-Holland

Utrecht

Visplannen voor waterschapsgebieden

Veel waterschappen volgen het beleid van het Ministerie van ELI (november 2009) om de visrechthebbenden te verplichten deel te nemen aan een VBC en een visplan op te stellen. Het visplan dient conform dit beleid duurzame visserijafspraken te bevatten en aan te sluiten op de doelstellingen van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) en de N2000-doelen. Het visplan wordt door de gezamenlijke visrechthebbenden in de VBC opgesteld en bevat de onderlinge afspraken voor een duurzame visserij in het VBC-gebied. De waterschappen hebben ook zitting in de VBC’s en toetsen de verenigbaarheid van de visplannen met de KRW-doelen en maatregelen.
De visplannen bieden de visserij daarnaast de kans om het visserijbeheer beter vorm te geven en knelpunten te agenderen bij de waterbeheerder.

Focus op KRW-waterlichamen

De waterschappen werken sinds de komst van de Kader Richtlijn Water (KRW) met zogenaamde ‘waterlichamen’. Dit zijn samenhangende watersystemen met dezelfde kenmerken. Per waterschapsgebied gaat het meestal om tientallen waterlichamen. In het visplan wordt in eerste instantie op deze waterlichamen gefocust. Om deze reden is de planstructuur opgebouwd rond de waterlichamen enerzijds en de belangrijke thema's voor het visserijbeheer anderzijds.

In het sjabloon visplan dat door Sportvisserij Nederland en de Combinatie van Beroepsvissers is opgesteld komt deze structuur terug. In deel 1 van het visplan worden de thema's voor het hele gebied beschreven. In deel 2 van het visplan wordt de visserij per waterlichaam beknopt beschreven op zogenaamde factsheets.

Sjabloon visplan voor waterschapsgebieden

Het visplan voor waterschapsgebieden bestaat dus uit twee delen:

  • ‘Visplan, deel 1 algemeen’: In hoofdstuk 2 wordt het plangebied en relevant beleid kort beschreven. In hoofdstuk 3 wordt per thema de huidige situatie weergegeven. Maar dit gebeurt met een helikopterview. Verder kunnen bij het thema visstand de verschillende viswatertypen beschreven worden en bij het thema visserijgebruik de verschillende gebruikstypen. Het is te overwegen beide te integreren. In hoofdstuk 4 worden de streefbeelden en gewenste maatregelen beschreven en onderbouwd, dit gebeurt per watertype of in het algemeen (bijv bij controle). In hoofdstuk 5 is een werkprogramma met prioriteitenlijst opgenomen waar alle maatregelen nog een keer benoemd worden en toegeschreven aan een waterlichaam. Hierin kunnen concrete maatregelen staan zoals ‘aanpassing meeneemlimiet’ of procesafspraken, bijv. ‘in de VBC locaties voor natuurvriendelijke oevers bepalen'. In hoofdstuk 6 staat de evaluatiecyclus van het visplan beschreven.
  • ‘Visplan, deel 2, gebiedsgerichte uitwerking’: In het eerste hoofdstuk wordt kort beschreven wat de relatie is met het algemene deel van het visplan en hoe de factsheets zijn opgebouwd. In het tweede hoofdstuk zijn de factsheets per waterlichaam opgenomen. De lay-out is daarbij zodanig dat de factsheets ook op zichzelf kunnen staan. Voor de onderbouwing van gewenste maatregelen wordt verwezen naar het algemene deel van het visplan.

Factsheets per waterlichaam

In het Visplan deel 2 wordt beknopt per waterlichaam de huidige situatie en de gewenste maatregelen beschreven. Deze beknopte weergave per waterlichaam wordt een factsheet genoemd. De inhoud van de factsheets is opgebouwd rond de negen thema’s uit het visplan. Door de beknopte weergave en het gebruik van illustraties, grafieken en tabellen geven de factsheets in één oogopslag een indruk van het waterlichaam. Op de factsheet wordt het waterlichaam gekarakteriseerd, de visstand kort weergegeven, het gebruik, de wensen en de voorgenomen maatregelen beschreven. Voor alle betrokkenen wordt dan direct duidelijk hoe het waterlichaam door de visserijsector gebruikt wordt en wat de plannen zijn. Dit is nuttig voor toetsing en voor het behartigen van de visserijbelangen.

Afbakening visplan

Het visplan is een visserijbeheerplan en geen visstandbeheerplan. Het verschil tussen visstand- en visserijbeheer is uitgelegd in de Adviesnota waterbeheer en visstandbeheer van de Unie van waterschappen. Dit betekent dat het visplan beperkt is tot maatregelen die direct tot de bevoegdheid van de visrechthebbenden behoren. De bevoegdheden van visrechthebbenden zijn vastgelegd in de Visserijwet. Kort samengevat gaat het daarbij om visuitzet, visonttrekking en het stellen van regels aan de visserij.

Omdat het visplan door de visrechthebbenden wordt opgesteld, zullen zij via het visplan hun belangen zo goed mogelijk willen veiligstellen. De visrechthebbenden zullen in het visplan duidelijk maken waar de visserijbelangen liggen en hoe groot die zijn. Om deze reden wordt in het visplan ook altijd het thema bereikbaarheid en bevisbaarheid opgenomen.  

Vanwege de belangenbehartiging worden ook de wensen van de visrechthebbenden in het visplan opgenomen. Deze wensen gaan soms over zaken die tot de bevoegdheid van de waterbeheerder horen, bijvoorbeeld wensen die afwijken van de doelen die het waterschap heeft voor de visstand. Maatregelen die hieruit voortkomen hebben het karakter van 'het agenderen van knelpunten'. Via het visplan kan dan het waterbeheer indirect beïnvloed worden. De wensen hoeven niet getoetst te worden door het waterschap. Alleen de maatregelen die de visrechthebbenden willen uitvoeren, dienen getoetst te worden.

De wensen van de visrechthebbenden kunnen dus afwijken van wat de waterbeheerder als streefbeeld heeft. De waterbeheerder moet zich qua toets beperken tot wat daadwerkelijk aan maatregelen wordt uitgevoerd door de visrechthebbenden.